Willem de Vlam
Toneel om naar uit te kijken
  • Kijk! Staat er hier niet verdomd soepele, jonge vrouw voor je neus? En draagt die soms niet jouw kind? Dit is geluk John, dit is geluk! Ik ben geluk dat voor je staat! En jij bent een aap!
    Wieke  in:  ‘Kanonnenvlees’
  • Mijn broer belt niet vaak, maar als hij belt, zeker als hij 's nachts belt, dan wil hij altijd heel veel zeggen.
  • Ik wil iets vertellen over wat ik heb meegemaakt.
    Groen  in:  ‘Drie’
  • Het is niet een gek idee dat als je je goed voelt; dat je dan in elk geval íets goed aan het doen bent. Toch? Maar dat hoeft dus helemaal niet zo te zijn. Je kan ook best bezig zijn je leven voorgoed naar god te helpen en je ondertussen súper voelen. Dat dat kan. Dat is behoorlijk oneerlijk. Of oneerlijk... Onhándig.
    Mo  in:  ‘Overwinteren’
  • Het ding met gebaren is, dat ze niet zo veel voorstellen als je niet weet wat diegene er mee probeert te zeggen.
  • De tent werd overspoeld door doodnormale zaterdagavondstappers die bij ons helemaal naar de klote gingen.
    RoXY  in:  ‘Blind’
  • Op papier ben ik in de zevende hemel
    Gerbrand  in:  ‘Overwinteren’
  • Ik zie twee mannen, twee gezichten die niet met hun ogen knipperen. En opeens realiseer ik me dat dat alleen maar zo lijkt omdat zij op exact hetzelfde moment als ik met hun ogen knipperen.
    Rood  in:  ‘Drie’
  • Ik wil drinken op een nieuwe vriendschap. De oude was ook mooi, maar hij is mooi als muziek op casettebandjes die je nooit meer draait en die je ook niet weg wil gooien.
    Albert  in:  ‘Hond’
  • En trouwens, mijn moeder was misschien makkelijk maar niet te koop.
    Evert  in:  ‘Hond’

Theaterteksten

cross