Willem de Vlam
Toneel om naar uit te kijken
  • Ik heb gemerkt dat je ook teveel kunt schilderen. Vorige week zag ik ineens een zeehond zitten. Precies waar je nu staat.
    John  in:  ‘Kanonnenvlees’
  • Het gaat er niet om of ik trouw ben aan mezelf. Alsof er een zelf is die ik op een of andere manier in de steek kan laten.
    Wieke  in:  ‘Kanonnenvlees’
  • Ik bel niet, jij belt niet. Als we alletwee niet bellen moeten we ook alletwee niet zeuren, of ben ik nou gek?
    Evert  in:  ‘Hond’
  • De tent werd overspoeld door doodnormale zaterdagavondstappers die bij ons helemaal naar de klote gingen.
    RoXY  in:  ‘Blind’
  • En toch gaat ook bij ons het overtreden van de regels niet vanzelf; ook wij vrezen de straf van onze dorpsgenoten; de roddels, de uitsluiting. We overtreden met even veel moeite als ieder ander, de ongeschreven wetten die ons door de volksverhalen worden ingeprent. Maar we overtreden ze wel.
    John  in:  ‘Kanonnenvlees’
  • Je ziet eruit alsof je slecht slaapt. Volgens mij heb je ook weinig seks. Weinig vrienden. Weinig geld. Weinig lol. Je bent grouw en schuw. En daar maak ik me zorgen over.
    Albert  in:  ‘Hond’
  • Je zag mensen in de gaten krijgen wat er veranderd was Hoe belangrijk informatietechnologie geworden was We wisten niet dat ze er vooral bang van zouden worden
    Iris  in:  ‘Blind’
  • Op papier ben ik in de zevende hemel
    Gerbrand  in:  ‘Overwinteren’
  • Elke keer dezelfde kutgeintjes. En ik heb het je altijd vergeven. Want jij was uiteindelijk mijn broer. Maar dat was niet zo, he? Uiteindelijk? Jij bent niet mijn broer. Niet als het er op aan komt. Zoals nu.
  • Mo verdween naar verre vreemde plaatsen, waar dingen als kleren ontzettend belangrijk waren. Ons leven viel helemaal stil. We waren net twee waterskiërs die achter een speedboot hingen, maar de kabel brak. We zwommen weer naar de wal. Het terrein van de gewone mensen. Waar we horen. Hè, Ger?
    Ticho  in:  ‘Overwinteren’
cross